Geschiedenis

Op deze pagina:

Voorwoord | Ligging | Familie Piers de Raveschoot | Het Kasteel | De Grot | Het Klooster | De kanonnen

Voorwoord

Bij deze heet ik iedereen welkom op de website "Geschiedenis van het Kasteel van Olsene - Hof Ter Wallen".
Hieronder en op de volgende pagina's verneemt u alles over de geschiedenis van zowel het Kasteel, zijn vroegere bewoners en de omgeving van dit mooi kasteeldomein.

Regelmatig krijg ik per email aanvragen om het domein te mogen bezoeken, hetzij te voet, hetzij per fiets. Ook toekomstige trouwers hebben het mooie park opgemerkt en willen er graag hun foto's laten nemen. Helaas ben ik niet de eigenaar van het kasteel en kan ik bijgevolg deze aanvragen niet gunstig beantwoorden. Alle andere vragen zal ik met plezier wel proberen te beantwoorden.

Het kasteel en park zijn privé-bezit en zijn niet toegankelijk voor het publiek !

De Webmaster.

Ligging

Het kasteel van Olsene is gelegen langsheen de baan Kortrijk-Gent (N43) in Olsene - Zulte.

Het werd gebouwd in 1854, in Vlaams neo-renaissancestijl en is omringd door een prachtig heraangelegd park.

Het kasteel is in privé-bezit en niet toegankelijk voor het publiek, maar het is wel de moeite waard om er eens halt te houden.

Klik hier om naar de kaart op Google Maps te gaan.

Familie Piers de Raveschoot


Prachtig schilderij van Jonkvrouw Solange. Bemerk het Kasteel aan de linkerkant!

Het kasteel van Olsene en zijn bewoners, de familie Piers de Raveschoot, hebben het dorpsleven en de plaatselijke politiek kleur gegeven. Ruim honderd jaar was een Piers de Raveschoot burgemeester. De laatste telg die de burgemeesterssjerp droeg, was Stanislas Piers de Raveschoot.
Zijn dochter Solange was de laatste rechtstreekse afstammelinge die het kasteel bewoonde.

Jonkheer Antoine de Mahieu, kleinzoon van Jonkheer Stanislas Piers de Raveschoot, was trouwens de laatste burgemeester van Olsene en is er nog altijd wonende. Ook één van zijn broers, Jonkheer Pierre de Mahieu woont in de buurt, namelijk in Wortegem-Petegem.
Mede dankzij deze afstammelingen van Jonkheer Stanislas Piers de Raveschoot kan u hier prachtige foto's bekijken van deze adellijke familie.

Van oorsprong is het geslacht Piers afkomstig uit Engeland. Een zekere Piers Gaveston, geboren rond 1280, had er bindingen met het Engelse hof, dat hij in het toenmalige Frankrijk vertegenwoordigde. Deze Piers Gaveston behoorde tot de begunstigden van de Engelse kroonprins Edward II en fungeerde tijdelijk als regent. Hij kwam herhaaldelijk in botsing met de Franse hoge adel en werd in 1312 verbannen en vermoord. Sporen van de familie Piers zijn terug te vinden in de omgeving van St.-Omer, waar ze bezitter was van de heerlijkheid Monninckhove.

Voor de eerste keer duikt de naam Piers in Olsene op, als op 26 april 1692 Jan Piers, geboren in Kuurne op 22 december 1654, in het huwelijk treedt met Margaretha Lanckhals, dochter van de toenmalige Olsense kasteelheer. Jan Karel Piers, zoon van Jan, huwde in 1732 met Maria Theodora Triest, vrouw van Raveschoot.


Een foto van de familie Piers de Raveschoot.

Een van de voornaamste leden van het geslacht was Jonkheer Polydoor Jozef Piers, in Gent geboren op 28 juli 1830 en in Olsene overleden op 26 juli 1872. In 1854 liet hij het oude kasteel slopen, om er het nu nog bestaande kasteel op te trekken.
Aan de bouw hiervan werd vijf jaar gewerkt, onder leiding van architect Louis Minard, ook bekend als architect van de gelijknamige schouwburg in Gent.
De familie Piers liet ook het Klooster en de Grot bouwen.
Polydoor had zes zonen, van wie er vier het ambt van burgemeester in Olsene hebben uitgeoefend. Wellicht is dit een unicum in onze geschiedenis dat vier broers opeenvolgend burgemeester zijn van dezelfde gemeente. Jonkheer Stanislas Piers de Raveschoot, de vader van Jonkvrouw Solange, nam daarvan de langste periode voor zijn rekening. Hij was burgemeester van 1904 tot 1946. Echter, tijdens de oorlogsjaren weigerde Stanislas de burgemeestersjerp te dragen onder Duits bewind, wat veel zegt over de vaderlandslievende en Koningsgezindheid van deze familie.

De naam Piers en Piers de Raveschoot:

Er blijkt wat verwarring te zijn rond de naam Piers of Piers de Raveschoot. Het is door het Koninklijk Besluit van 17 maart 1885, door Koning Leopold II getekend, dat alle afstammelingen van Jonkheer Polydoor Piers verkregen hebben om "de Raveschoot" toe te voegen aan hun naam "Piers". Dit is juist, maar een verduidelijking is hier wel nodig: de naam "Piers de Raveschoot" was in gebruik sinds het midden van de achttiende eeuw, zowel in de privé-sfeer, als in de publieke en administrative sfeer. Maar de naam was "Piers" gebleven op de burgelijke stand. Op 17 maart 1885 werd dit opgelost. Als voorbeeld, zie de benoemingsbrief van Eugène Piers de Raveschoot (vader van Polydoor) als burgemeester van Olsene in 1836 (zie hieronder).

nominatiebriefBenoemingsbrief van Eugeen Piers de Raveschoot .

(met dank aan dhr. Ronald Piers de Raveschoot)


Stanislas Piers de Raveschoot, burgemeester van 1904 tot 1946.

Hij was ook bekend onder die naam als senator (tussen 1831 en 1835). Zijn broer, Philippe Piers de Raveschoot, was bekend onder die naam als burgemeester van Gent (tussen 1819 en 1826) en kreeg erkenning van zijn adelstand in 1816, steeds onder die naam. In 1756 was Augustijn Piers de Raveschoot, hun vader, ingeschreven aan de Katholieke Univesiteit van Leuven onder de naam "Praenobilis Dominus Augustinus Piers de Raverschoot, Gandensis" (edele heer Augustijn Piers de Raveschoot, van Gent) - zie "Matricules de l'Université de Louvain". Zijn vader, Jean-Charles-Ignace Piers, was heer van Raveschoot (door huwelijk in 1732) maar droeg de naam "Piers de Walle", een oude familiale heerlijkheid in Artesië. Tijdens het "Ancien Régime" droegen in feite de verschillende leden van de familie Piers de naam van de belangrijkste heerlijkheid dat ze bezaten, net zoals veel andere edelen. Bijvoorbeeld droeg een lid van de familie de naam "Piers de Walle", de heerlijkheid waaraan het kasteel van Olsene behoorde: Charles Piers de Walle, broeder van Augustijn, was bekend onder die naam als schepen van de Keure van Gent in 1790 . Andere leden van de familie droegen de naam "Piers de Nieuwehuysse" (heerlijkheid te Kuurne), "Piers de Monnecove" (heerlijkheid in Artesië), enz.

 

 

Naar boven

Het Kasteel "Hof Ter Wallen" en de familie Lanchals

Oorspronkelijk stond er op deze plaats een soort burcht, het "Hof Ter Wallen". Het oud kasteel werd in 1456 bewoont door de familie Quevin. Deze Joos Quevin kocht in 1456 de heerlijkheid Olsene. Hij was gehuwd met Elisabeth Goethals. Een vijftiental-jaar terug vondt men, ergens in een bijgebouwtje van de pastorij te Olsene, een fundatiesteen* (in blauwe hardsteen) , daterend van vóór 1602, met daarop het wapenschild van de familie Quevin. Deze zou afkomstig zijn uit de oude St-Pieterskerk die vroeger op de Kerkhoek gelegen was. De fundatiesteen verkeerde in een decadente toestand, vooral de onderkant van de steen was beschadigd. Door tussenkomst van de toenmalige pastoor, het gemeentebestuur en de toegekende subsidies van de provincie werd de grafsteen ingemetseld in de muur van de kerk (links vooraan).

fundatiesteen

De fundatiesteen van Joos Quevin.

grafsteen

De fundatiesteen van Joos Quevin.

volledige tekst

De volledige tekst

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In het huidig Kasteel is dit wapenschild terug te vinden in het "Ledersalon". Na het overlijden van Joos Quevin in 1478 krijgt zijn dochter Jacoba Quevin de titel van vrouw van Olsene. In 1502 treed zij in het huwelijk met Pieter Lanchals II.
Vanaf dan wordt de familie Lanchals genoemd als heren van Olsene.

*Meer info hieromtrent kan u vinden in de boeken van de Geschied- en Heemkundige Kring Zulte, in de bibliotheek van Zulte.
plan 1
plan 2
plan 3
plan 4

Tekeningen van het eerste kasteel, het "Hof Ter Wallen". Let op de dubbele wal en op de U-vorm van het kasteel.
(met dank aan Marjolein De Coninck van onderzoeksbureau Examino voor de archief-opzoekingen.)


Wapenschild Lanchals

De geschiedenis van de familie Lanchals begint in 1440 als in Brugge ene Pieter Lanchals geboren wordt als telg van een schrijnwerkersgezin. Deze Pieter, duidelijk niet de eerste de beste, was heel schrander en wist zich, ondanks zijn eenvoudige komaf, op te werken tot vertrouwensman aan het hof van Maximiliaan van Oostenrijk die in die tijd in onze contreien de plak zwaaide.

Geïnspireerd door zijn naam koos Pieter Lanchals, toen hij door Maximiliaan tot ridder werd geslagen, een zwaan als symbool voor zijn wapenschild.

Via twee huwelijken integreerde Pieter Lanchals zich zowel in de Brugse als in de landadel en bekwam hij aldus grote stukken "leengoed". Zijn zoon Pieter Lanchals II trok deze lijn door en verwierf in 1502, eveneens door een huwelijk, de heerlijkheid "Olsene". Hij noemde zich terecht "Heer van Olsene" en van die tijd dateert ook de zwaan in het wapenschild van de gemeente.

 

 

 

 

graf Pieter Lanchals

Het graf van Pieter Lanchals.

Pieter Lanchals

Pieter Lanchals

Florence

Florentina de Gruutere,
echtgenote van Pieter Lanchals.

 

 

oud kasteel

Eén van de weinige schilderijen van het "Hof Ter Wallen".

De legende wil dat, toen Maximiliaan de zaak later terug onder controle had, hij bij wijze van blijvend eerbetoon aan zijn vriend Pieter Lanchals, de Bruggelingen als straf verplichtte om de Brugse reien te bevolken met zwanen. Een voorbeeld dat prompt gevolgd werd door Pieter II die ook in zijn heerlijkheid te Olsene de eerste zwanen (langhalzen) op de wallen van zijn kasteel (Hof Ter Wallen) introduceerde. En zo komt het dat de oude Olsenaars nog altijd beweren dat de zwanen die tot voor kort de kasteelwal bevolken, rechtstreeks afstammen van de zwanen die oorspronkelijk op de Brugse reien uitgezet werden.

In 1692 ging het kasteel via een huwelijk van ene Piers met de erfgename van de familie Lanchals over naar de familie Piers. Bij een huwelijk werd het wapenschild van de vrouw bijgevoegd bij het wapenschild van de man. Een steen met het wapenschild van de familie Piers-Lanchals bevindt zich momenteel in een loods op het containerpark en zal aan het ouderlijk huis van de familie de Mahieu geplaatst worden. (Centrumstraat 5)

 

Bijna anderhalve eeuw beheerst het huidig kasteel het dorpsbeeld: een indrukwekkende vierkante blok van roze steen rijst op uit de groenende wateren van de omringende vijvers (serpentinevijver). Vooral de slanke torens, die als stengels uit de hoeken opstijgen, geven het geheel een sprookjesachtige tint.

   
kasteel

Foto nà de renovatie.

kasteel

Foto voor de renovatie.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Omringd door water, kan men het enkel bereiken langs een stenen brug. Het neerhof en de bijhorende paardestal en hondekennel liggen eveneens binnen het domein. Het neerhof is momenteel bewoont door een jong koppel met 2 kinderen. Aan de achterkant van het domein was er een ommuurde moestuin (zie foto-album). De twee aanpalende hoeven uit de 18° eeuw maakten oorspronkelijk deel uit van de kasteelbezittingen. Op heden verkeren ze in bouwvallige staat, enkel de rosmolen is "deels" gerestaureerd. In de tuin langs de Grote Steenweg, ligt een grote berg, ook stuifzandrug genoemd. Deze plaats zou trouwens ook het hoogste punt van Olsene zijn.

ijskelder

De ijskelder.

Daaronder zit een ijskelder waar naar verluid het ijs maanden lang op temperatuur bleef. In de diepe ronde kuip werden verschillende lagen aangemaakt. Deze bestonden uit een laag stro met daarop het ijs bestrooid met grof zout. Zo werden er meerdere lagen aangemaakt totdat de kuip gevuld was. Vanaf de bovenste kant van de kuip bleef er een grote afgeronde ruimte naar boven toe over. Deze ruimte diende als ijskast om verschillende voedingswaren te bergen. Er werden ook ijsblokken voorzien voor de dorpelingen en hospitalen. Deze dienden dan als pijnverzachters bij o.a. buikziekte
('t vuur), verstuikingen van armen en benen, hoge koorts enz.

toegevroren vijver

Onbekend koppel aan dichtgevroren vijver.
foto: Eric De Wilde, Massemen.

 

 

 

 

 

De eerste steen van het huidige kasteel werd op 18 september 1854 gelegd door jonkheer en mevrouw Polydore Piers-Surmont de Volsberghe. De architect was Louis Minard van Gent (dezelfde van de Minard schouwburg te Gent). Het gebouw zelf werd opgetrokken op de fundamenten van de oude burcht, het Hof Ter Wallen. Bij het bouwen werd de ondergrond drooggehouden met gestapelde ezelhuiden, waarop duizenden heipalen rusten, die het kasteel ondersteunen. Het bouwmateriaal werd met karretjes en kruiwagens aangevoerd. Van het schip aan de loskaai van de Leie tot aan de bouwwerf was een ketting actief van meer dan 200 man. Binnen een tijdspanne van vijf jaar werd het kasteel voltooid, wat voor die tijd een record betekende.

 

 

 

 

 

 

Naar boven

De Grot

De grot, ook "Olsene Rotse" genoemd, vindt u op de hoek van de Machelenstraat en Kasteelstraat in Olsene. Tussen het kasteel en de grot bevond zich vroeger een mooie dreef van ongeveer 830 meter lang (een stuk tot voorbij de rots). Hedendaags wordt deze dreef met hoge beuken niet veel meer gebruikt, met gevolg dat het onderhoud ook niet meer grondig gebeurt. Hopelijk zal dit verbeteren want de gemeente Zulte is in 2007 eigenaar geworden van de Kasteeldreef alsook van Olsene Rotse en zal deze integreren als wandel- en fietsroute. Volgens een legende loopt pal onder de dreef een onderaardse gang tussen de grot en het kasteel van Olsene. Je zou in de grot het begin van de gang kunnen zien, die zou zijn ingestort !?

 

dreef

In de dreef staan enkele zitbanken waar u even kan verpozen
en genieten van het mooie uitzicht.

de grot

De "Dreve" van de grot naar het kasteel.
Deze loopt ook nog door voorbij de grot.

 

 

grot

De Grot van Olsene, ook "Olsene Rotse" genoemd.

Sedert de verschijning van Maria in 1858 heeft een steeds aangroeiende stroom van mensen Lourdes opgezocht. Na verloop van tijd sijpelde ook in onze streek dit nieuws van verschijningen en mirakels door. Voor velen lag dit Franse bedevaartsoord echter te ver af. Om Lourdes dichter bij de mensen te brengen werden er in ons land, omstreeks de jaren 1870, hier en daar "grotten van Lourdes" en nieuwe bedevaartplaatsen ter ere van Maria opengesteld. Ook de mensen van Olsene en omstreken kregen de kans om O.L.V. van Lourdes dichter bij huis te vereren. Mevrouw Polydore Piers wou aan de mensen van Olsene en van gans de streek de gelegenheid geven O.L.Vrouw van Lourdes dicht bij huis te vereren. Zij koos daarvoor een plaats waar de weg van Olsene-dorp naar Machelen en de Kasteeldreef kruisten. Honderd vijfentwintig jaar geleden was die plaats nog zeer eenzaam en verlaten. Slechts hier en daar een klein huisje aan de rand van het grote bos. Volgens de volkse overlevering kwamen op deze plaats geregeld toverheksen samen. Er bevond zich ook een schandpaal, wellicht uit de tijd van de Middeleeuwen. Vooral 's avonds waren de meeste mensen bang langs daar voorbij te komen. Mevrouw Piers gaf opdracht aan Constant Malfait, de metselaar van het kasteel, daar een Lourdesgrot op te trekken. Samen met zijn zoon, Jules Malfait en wellicht andere helpers, zette Constant zich aan het werk. In 1876 werd deze voltooid en door de bisschop van Gent ingewijd. Mevrouw van het kasteel liet een mooi beeld van O.L.Vrouw van Lourdes in een nis boven de grot plaatsen en vroeg aan Mgr. Bracq, bisschop van Gent, om dit beeld en de nieuwe grot plechtig te komen inwijden. Ongetwijfeld ging deze gebeurtenis gepaard met een grote toeloop van bedevaarders; niet enkel van Olsene zelf, maar ook van de omliggende parochies. Van dan af kwamen vele vrome christenen van heel de streek Maria vereren en aanroepen aan de grot te Olsene. Ieder jaar, op een zondag in mei, werd een bedevaart georganiseerd voor alle parochianen van het decanaat Deinze en aangrenzende gemeenten. Deze jaarlijkse traditie wordt ook nu nog altijd in ere gehouden. Duizenden mensen hebben in de loop van deze jaren aan de grot van Olsene, in de schaduw van de prachtige beuken, ter ere van Maria gebeden en zeker ontelbaar vele gunsten en genaden op haar voorspraak bekomen.

 

Artikel uit Het Nieuwsblad:

ZULTE - Het bedevaartsoord Olsene Rotse, door een dreef verbonden met het kasteel van Olsene, ligt er ondanks zijn gezegende leeftijd van 135 jaar, kraaknet bij. Dat is het werk van de gemeente die als eigenaar het gras maait en de bomen snoeit en de broers Daniël De Waele (73) en Joris De Waele (77).

ijskelder

Joris en Daniël De Waele houden dagelijks een oogje in het zeil.

© Johan De Ruyck

 

Joris: 'Ik doe dit al 25 jaar en heb de taak van mijn vader overgenomen. Mijn broer en ik wonen hier vlakbij. We komen iedere dag langs. We trekken onkruid uit en ruimen de kaarsresten op. Iedereen kent ons, iedere dag houden we wel ergens in de buurt halt voor een klapke.' Is Olsene Rotse uniek voor de streek? 'We denken het wel want voor een grot moet je al naar Oostakker gaan. Of hier nog veel gelovigen langskomen? Redelijk, ja, maar geen jonge mensen meer. Dat is gedaan.' Iedere woensdag in mei wordt om 20 uur de rozenkrans gebeden. Op zondag 29 mei is er om 15 uur de jaarlijkse bedevaart. 'Vorig jaar telde die 300 deelnemers', zeggen Joris en Daniël.

 

Het mysterie van" De tunnel van 't kasteel naar Olsene Rotse"

met dank aan Jo Vandesompele.

 



Naar boven

Het Klooster

Het klooster, gelegen in de Heirweg nr. 30, op een boogscheut van het kasteel, werd gebouwd in 1872, in opdracht van de familie Piers-Surmont de Volsberghe. Hun wapenschild en de jaarsteen is ingemetseld boven de hoofdingang aan de voorgevel. Het werd oorspronkelijk gebouwd als bejaardentehuis en in 1876 ingericht als klooster, onder de naam en de bescherming van O.L.Vrouw van Lourdes. Later werd ook een school toegevoegd aan het klooster.

klooster

Het klooster aan de Heirweg in Olsene.

klooster

Huidig klooster, nu een deel van de lagere school, na renovatie.

wapenschild

Het wapenschild van de familie Piers-Surmont de Volsberghe.

bouwsteen

Jaarsteen "Anno 1872".

Momenteel verblijven er geen zusters meer. Het gebouw is volledig in gebruik genomen door de Vrije Basisschool Olsene. De kleuters en de kinderen van het eerste, tweede en derde leerjaar krijgen er les. Ook de eetzaal is gevestigd in dit gebouw. Naast het klooster werd onlangs een turnzaal gebouwd, samen met enkele nieuwe kleuterklassen.

Heden, oktober 2007, is een aannemer bezig met het metsen van een nieuwe gevel aan het resterend oude deel van de school.


Leuke anekdote uit monde van Willy Nachtergaele, oud-Olsenaar:

"Op de hoek van de Dreve, rechtover het klooster, staat een huis met twee ramen die uitgeven op de straat. Toen ik in het eerste studiejaar bij meester De Vriese zat mochten we op een warme lentedag met de klas eens gaan wandelen. De meester vertelde over dit huis een merkwaardig verhaal dat mij steeds bijgebleven is. Heel veel jaren geleden had een boer die 's nachts op weg was naar zijn huis hier iets zeer akelig meegemaakt. Op de kerktoren van Olsene sloeg het juist middernacht toen hij aan het huisje passeerde en het viel hem op dat er binnen nog licht was. De boer die nieuwsgierig van aard was kon zich niet bedwingen en gluurde door het ronde venster naar binnen. Wat hij zag deed zijn haren ten berge rijzen : in de woonkamer was een oud vrouwtje boter aan het karnen en bij het galmen van de laatste klokslag op de toren verscheen daar plots, omgeven door een wolk van rook en zwaveldamp…de duivel!"

Een bizar verhaal, dat naar hekserij ruikt. Pas recent heb ik de oorsprong van dit soort lokale legendes ontdekt. Toevallig stootte ik in de Bibliotheek van Zulte op een boek over heksenvervolging in onze contreien ( "Het gevecht met de Duivel" van Fernand Vanhemelryck") en wat blijkt? Olsene wordt verschillende malen (wel 12 keer!) vermeld in verband met gevoerde heksenprocessen. In dit boek wordt bijvoorbeeld melding gemaakt van een heksensabbat in Olsene in de jaren 1660 : de heksen hielden hun "diabolicque dansynghen ende vergaederynghe" op de "toveressencnock" aan de weg Gent-Kortrijk.

In 1661 werden in Olsene heksenprocessen gevoerd en mensen veroordeeld tot de brandstapel. In afwachting van het vonnis werden de ongelukkigen gevangen gezet op het neerhof van het kasteel Hof Ter Wallen. Logisch dus dat de schrik voor heksen en spoken in Olsene meer leeft dan bij de inwoners van de andere deelgemeenten…Een andere Olsense mythe die de tijd heeft getrotseerd is deze van de drie oude vrouwtjes die bij nacht en ontij steevast op wandel zijn in de straat gelegen achter het kasteel. Als je de pech hebt om ze te ontmoeten dan wandel je beter stevig door. In geen geval mag je achterom kijken, want als je blik de hunne kruist dan val je onmiddellijk dood op straat ! " ...

Wist je trouwens dat de Heirweg, waarlangs het klooster gelegen is, een stukje is van de oeroude verbindingsweg tussen Gent en Kortrijk ? De weg bestond vermoedelijk al in de tijd van de Oude Belgen, en het traject volgde in grote lijnen de begrenzing van de overstromingsgebieen van de Leie (toen nog vrolijk kronkelend...). Vandaar dat de oude weg vrij parallel met de kronkels van de oude Leie loopt. De Romeinen hebben in eerste instantie die weg ook gebruikt, en er een heirbaan van gemaakt, de naam Heirweg verwijst trouwens nog naar deze periode.

In Machelen noemt de weg Hoevestraat en in Zulte is de Oude Weg (what's in a name...) nog een restant. Ooit was dit een druk bereden en betreden baan, die zeer dikwijls door de oude dorpscentra liep, rijk aan afspanningen en bedevaartsoorden (in Zulte ligt bv de 14 eeuwse kapel Maria ten Dale aan deze weg, en in Olsene de Mariagrot).

De huidige Gentse Steenweg (rechte verbindingsweg tussen Gent en Kortrijk) werd pas in de jaren 1700 door de Oostenrijkers aangelegd.

Dit maakt ook dat je de "toveressencnock aan de baan Gent-Kortrijk" niet moet gaan zoeken aan de huidige Gentse Steenweg, maar...aan de Heirweg in Olsene, meer bepaald dicht bij het klooster, in de omgeving van de plaats die men nu nog steeds de Toverhoek noemt. Ook het verhaal over de boer en het karnende oude meetje krijgt hierdoor een andere dimensie : waarschijnlijk staat het bewuste huis exact op de plaats die men in 1600 de toveressencnock noemde...

Lees ook hier enkele verhalen over de Heksen uit de Leiestreek (bron Eddy Lefevre - Nieuwsblad)

Naar boven

De kanonnen

kanon
Jonkvrouw Solange aan één van de kanonnen.

Zoals gebruikelijk in die tijd, stonden ook aan het kasteel van Olsene twee kanonnen aan de toegangsbrug. Op de kanonnen zelf zijn de wapenschilden aangebracht van de families Piers en de familie Surmont de Volsberghe. Door verloop van tijd en gebrek aan onderhoud verkeerden de kanonnen in een bedenkelijke staat. De kanonnen werden door de erfgenamen van de familie Piers De Raveschoot geschonken aan de gemeente. Zij werden een aantal jaar gehuisvest op het containerpark. De vraag stelde zich: wat moest er met die kanonnen gebeuren? Na tussenkomsten van ere-burgemeester Jonkheer Antoine de Mahieu en Luc Levrau kwam een oplossing uit de bus: leerlingen van het VTI in Oostende zouden zich over de restauratie buigen.

kanon
Baron Casier op bezoek bij Jonkvrouw Solange. Bemerk de 2 kanonnen!

 

 

 

 

 

 

 

 

De affuiten waren aangetast door schimmels en zwammen. Leerlingen van het 5de en 6de jaar houttechnieken en houtbewerken maakten een inventaris van de te herstellen onderdelen. Door nader onderzoek bleken verschillende soorten beschadiging aangetroffen. Zo was er de aantasting door schimmels (houtrot). Door de affuiten in droge omstandigheden op te bergen was het houtvochtgehalte gedaald tot onder het kritisch punt.

Veel delen waren sterk aangetast en dienden weggenomen en vervangen te worden door gezond hout. Er was ook aantasting door houtboorders.

vti oostende
De leerlingen van het VTI van Oostende met de gerestaureerde kanonnen.





 

De affuiten werden nauwkeurig opgemeten en met een CAD-programma nagetekend op ware grootte. Op de tekeningen werden de te herstellen zones gemarkeerd.

In het lab konden de leerlingen door middel van microscopisch onderzoek achterhalen dat het gebruikte hout olm of iepenhout was. Deze houtsoort is een inlandse houtsoort die vroeger vaak werd gebruikt in molen- en wegenbouw. Helaas is deze mooi houtsoort met zijn typisch ringporig hout, hier in West-Europa door de olmenzieke een zeldzaamheid geworden.

Na het herstellen van het hout, werden de affuiten opnieuw in de huidige kleuren geschilderd door de leerlingen van het 3de, 4de en 5de jaar schilderwerk en decoratie.

Al deze herstellingswerken werden uitgevoerd onder toezicht van Stef Grimonprez, projectverantwoordelijke van het VTI Oostende en praktijkleraren Peter Van Renterghem en Dominique Cobbaert.

 

Op 23 juni 2006 kwamen de kanonnen van het Kasteel van Olsene terug thuis, enkele jaren nadat de befaamde schiettuigen bijna op de schroothoop terecht kwamen. Als dank werden de leerlingen van het VTI Oostende, met ere-burgemeester Jonkheer Antoine de Mahieu als gids, vergast op een rondleiding in het kasteelpark waar de kanonnen anderhalve eeuw lang stonden opgesteld. Daarna volgde het middagmaal en een exclusieve rondleiding in het schildersatelier van Roger Raveel.

kanon

De kanonnen met bronzen loop.

kanon

Schild van de familie
Piers-Surmont de Volsberghe

kanon

Terug in oorspronkelijke staat.

De kanonnen schitteren weer als vanouds. Ze waren even te zien in de voortuin van het gebouw aan de Centrumstraat 5, waar de Jeugd- & Cultuurdienst van Olsene gehuisvest is. Momenteel staan de kanonnen opgeborgen in een loods op het containerpark, odat nu de voorbereidingen kunnen gebeuren voor het definitieve plaatsen. De kanonnen krijgen uiteindelijk een plaatsje voor het ouderlijk huis van de familie de Mahieu (Centrumstraat 5).

Erfgoeddag in Zulte – zondag 22 april 2007- Waarden van erfgoed.

In het gemeentelijk lokaal voor Geschied- en Heemkunde in de Centrumstraat 5 te Olsene, op de eerste verdieping, werden de meest waardevolle 'schatten' uit Zulte verzameld. Er waren ondermeer een burgemeestersjerp en vele oude zichtkaarten van het kasteel van Olsene te zien. Op deze erfgoeddag werden de mooi herstelde gietijzeren kanonnen of affuiten, met het wapenschild Piers de Raveschoot, opgesteld in de voortuin van de cultuurdienst (schuin tegenover de kerk van Olsene).

kanonnen
kanonnen
kanon

Met dank aan de Geschied- en Heemkundige kring van Zulte.
Naar boven